Verwijderen van de prostaat (RALP)

U bent bij het Bravis ziekenhuis onder behandeling van de uroloog. Tijdens uw bezoek aan de polikliniek Urologie heeft uw behandelende uroloog met u gesproken over de wenselijkheid of noodzaak van een prostaatoperatie. In het gesprek met de arts heeft u al informatie ontvangen over de operatie. In deze folder kunt u de mondelinge informatie van onze zorgverlener(s) op uw gemak nalezen, zodat u zich kunt voorbereiden op de operatie.

Inleiding

Tijdens uw bezoek aan de polikliniek Urologie heeft uw behandelende uroloog met u gesproken over de wenselijkheid of noodzaak van een prostaatoperatie. In deze informatiefolder kunt u thuis alles nog eens rustig doorlezen. We hebben geprobeerd voor u alle belangrijke informatie zo goed mogelijk op een rijtje te zetten. Het is niet de bedoeling dat deze folder de persoonlijke gesprekken met uw uroloog vervangt. Met problemen of vragen, ook naar aanleiding van deze folder, kunt u altijd bij de uroloog terecht, of bij de urologieverpleegkundigen.

Wat is de prostaat

De prostaat is een klier die alleen bij mannen voorkomt. Hij heeft de vorm van een kastanje en ligt tussen de blaas en de buitenste sluitspier van de plasbuis. De plasbuis loopt van de blaas door de prostaat naar buiten. De prostaat ligt net boven de endeldarm en is daarom ook via de anus te voelen. De prostaat produceert een vloeistof die bij een zaadlozing samen met de zaadcellen (sperma) naar buiten komt. Het prostaatvocht houdt de zaadcellen in leven op weg naar buiten en ook in de vagina. Vlak langs het oppervlak van de prostaat lopen links en rechts de zenuwbundels naar de penis die zorgen dat een erectie mogelijk is.

Wat is prostaatkanker

Prostaatkanker is een ongecontroleerde, kwaadaardige groei van cellen in de prostaat. De kanker ontwikkelt zich meestal (heel) langzaam. In het beginstadium zijn er vaak geen of slechts milde klachten. Symptomen die optreden komen meestal overeen met die van een goedaardige prostaatvergroting, zoals moeilijk plassen, vaak (’s nachts) plassen en bloed in de urine.

  • Prostaatkanker is vroegtijdig te ontdekken door middel van bloedonderzoek, waarbij het Prostaat Specifiek Antigeen (PSA) wordt gemeten. Een verhoogde PSA waarde kan duiden op prostaatkanker. Uw behandelend uroloog zal verder onderzoek moeten doen om afwijkingen in de prostaat op te sporen (rectaal toucher - echografie prostaat - biopten van de prostaat).
  • Prostaatkanker is de meest voorkomende kankersoort bij Nederlandse mannen. Het komt het meeste voor bij mannen boven de 50 jaar.
  • Het is nog niet duidelijk of prostaatkanker te voorkomen valt. Op dit moment is er nog te weinig bekend over hoe prostaatkanker ontstaat. Wel is bekend dat 5-10% van de gevallen wordt veroorzaakt door een erfelijke aanleg.

Prostaatkanker ontwikkelt zich meestal langzaam en hoeft niet in alle gevallen meteen behandeld te worden. De keuze voor een behandeling is mede afhankelijk van de eigen keuze, de algemene conditie, de klachten en de aard van de kanker.

Wat is een kijkoperatie met behulp van de Da Vinci robot

De prostaat kan via een snee in de onderbuik worden verwijderd of met een kijkoperatie. Al langere tijd kan dit ook met behulp van de Da Vinci robot. Deze operatierobot is een verdere verbetering van de kijkoperatie. De belangrijkste verbeteringen zijn het 3D-zicht, waardoor de uroloog diepte kan zien en een innovatie van de instrumenten waardoor hij sneller en nauwkeuriger kan opereren.

De Da Vinci robot voert een zelfstandige handelingen uit. De uroloog stuurt vanuit een console de robotarmen aan.

Om ruimte te krijgen wordt de buik via een sneetje in de buikwand opgeblazen met koolzuurgas (CO2). Via een aantal kleine sneetjes in de onderbuik worden chirurgische instrumenten ingebracht waarmee de operatie wordt uitgevoerd. De operatierobot heeft een speciale camera waarmee in de buikholte kan worden gekeken. Het camerabeeld is driedimensionaal en vergroot het beeld ongeveer tien maal. Zo kan elk detail van het operatiegebied uitvergroot worden. De gewrichtjes van de instrumenten kunnen meer dan 360 graden draaien.

Nadat de prostaat is verwijderd, wordt de blaas weer aan de plasbuis gehecht. De prostaat wordt tenslotte uit de buik verwijderd door één van de sneetjes iets te vergroten. Het bloedverlies is door deze techniek vaak zeer beperkt. Het herstel na de operatie is sneller in vergelijking met een open ingreep. Meestal verblijft u twee dagen in het ziekenhuis. De ikans op complicaties na deze ingreep is laag. Doorgaans kan de ingreep, indien de omvang van het gezwel dit toelaat, zenuwsparend worden uitgevoerd, met een grotere kans op erectieherstel na de operatie.

De operatie

De ingreep kan ook vaak zenuwsparend worden uitgvoerd. Hierbij is een grotere kans op erectieherstel na de operatie. Uw uroloog zal met u besproken of dit bij u kan. Bij een operatie voor prostaatkanker wordt de hele prostaat, inclusief zaadblaasjes verwijderd (radicale prostatectomie). Ook wordt het deel van de plasbuis dat door de prostaat loopt verwijderd. Hierdoor moet de uroloog een nieuwe verbinding maken tussen de blaas en de plasbuis. Ter bescherming van de nieuwe aansluiting wordt er een katheter ingebracht. Deze katheter wordt tien dagen na de operatie verwijderd. Soms worden tijdens de prostaatoperatie ook de lymfeklieren in het bekken verwijderd. Dit om eventuele uitzaaiingen in deze lymfeklieren uit te sluiten. De uroloog zal voor de operatie met u bespreken of het bij u nodig is om deze lymfeklieren te verwijderen. De prostaat (en eventuele lymfeklieren) wordt in het laboratorium verder onderzocht, de uitslag van dit onderzoek krijgt u ongeveer tien dagen na de operatie. In principe worden er geen drains achter gelaten, op indicatie kan dit wle gebeuren.

Voor de operatie

De urologieverpleegkundige neemt voor de operatie uitgebreid met u door wat er gaat gebeuren.

De urologieverpleegkundige bestelt voor u absorberend materiaal, wat u nodig zult hebben als de katheter verwijderd is.

De urologieverpleegkundige verwijst u voor de operatie naar een bekkenfysiotherapeut en geeft adressen mee van bekkenfysiotherapeuten. Waarom bekkenfysiotherapie? De bekkenbodemspieren liggen in het bekken en geven steun aan organen in de buik zoals de blaas, de urinebuis en de darm. U kunt de spieren van de bekkenbodem zelf niet zien. Daarom is het soms moeilijk om ze goed te trainen. Met bekkenfysiotherapie leert u de spieren van de bekkenbodem te voelen en bewust te gebruiken. Ook leert u de spieren aan te spannen en te ontspannen. Door middel van oefeningen kunt u de bekkenbodem versterken. Hierdoor kunnen ze de druk opvangen die op de bekkenbodem ontstaat. Ook kunt u het afsluitmechanisme van de blaas versterken. U verliest dan minder makkelijk ongewild urine. Het is nuttig om minimaal twee tot drie weken voor de operatie te beginnen met oefeningen om de functie van de bekkenbodem te verbeteren. De bekkenfysiotherapeut leert u de oefeningen aan. U kunt de oefeningen zelf thuis doen.

Voor de operatie komt u op het pre operatieve spreekuur. De anesthesist bespreekt voor de operatie met u de verdoving en de pijnbestrijding tijdens en na de operatie. Tijdens de operatie bent u onder algehele narcose. De anesthesist bespreekt met u, als u medicijnen gebruikt, welke tabletten u in mag nemen en welke niet de ochtend van de operatie. Ook wordt besproken wanneer eventuele bloedverdunners gestopt moeten worden.

Wat gebeurt er voor de operatie

  • De dag voor of op de dag zelf van de operatie wordt u opgenomen.
  • Er worden bij u antitrombose kousen aangemeten om het risico op trombose in de benen te verminderen. Deze moet u tot twee weken na de operatie aanhouden. Deze kousen draagt u dag en nacht en doet u alleen uit om uzelf te douchen of wassen.
  • U krijgt een klein klysma zodat de darmen leeg zijn.
  • U hoort hoe laat de operatie is en vanaf hoe laat u nuchter voor de operatie moet zijn.
  • Het is belangrijk dat u voor de operatie nog even plast, zodat de blaas leeg is.

 

Wat gebeurt er na de operatie

  • U verblijft ongeveer één uur op de uitslaapkamer, de anesthesist beslist wanneer u naar de verpleegafdeling gaat.
  • Op de dag van de operatie mag u naar wens weer eten en drinken en krijgt u vocht via een infuus.
  • De urine wordt afgevoerd via een katheter.
  • Na de operatie krijgt u pijnbestrijding. Geef op tijd aan als u pijn heeft zodat de pijn met medicijnen onderdrukt kan worden.
  • U wordt gestimuleerd om uit bed te komen.
  • U verblijft normaal gesproken circa twee dagen in het ziekenhuis. De totale verblijfsduur is ook afhankelijk van de snelheid waarmee u herstelt.
  • De hechtingen worden na tien dagen verwijderd op de polikliniek.

Complicaties van een prostaatverwijdering kunnen zijn:

  • Nabloeding.
  • Bloeduitstortingen.
  • Kort na de ingreep kan er schouderpijn ontstaan door ingeblazen koolzuurgas.
  • Wondinfectie.
  • Trombose.
  • Ophoping van lymfevocht in de buik/schaamstreek/benen. 

Leefregels na een prostaatverwijdering

  • Pers niet hard bij ontlasting.
  • Na de opname gaat u thuis verder met medicijnen die trombose voorkomen. Dit zijn bloedverdunners in injectievorm. Deze kunt u zichzelf toedienen, zo nodig kan de thuiszorg ingeschakeld worden. U heeft deze injecties in totaal 3 weken nodig.
  • U gaat naar huis met de katheter in uw plasbuis. U krijgt van de afdeling informatie en materialen mee om op een goede manier met de slang om te gaan. Let goed op de urineproductie en de kleur van de urine. Is de urine donker en/of troebel? Dan moet u meer drinken. Neem contact op met de poli urologie of de urologieverpleegkundige als de slang niet goed of helemaal niet afloopt. U kunt wat urine langs de slang verliezen. Dat komt door blaaskrampen. Hier zijn medicijnen voor. Daarvoor kunt u een recept aan de uroloog vragen. Ga niet in bad met het slangetje, maar neem een douche in verband met de hygiëne.
  • Blijf na de operatie voldoende drinken. Minimaal twee liter per dag, tenzij uw behandelend arts anders heeft geadviseerd.
  • Wacht bij pijnklachten niet te lang met het innemen van medicijnen. U mag 4x per dag 1 gr. Paracetamol innemen.
  • Waarschuw de uroloog of de urologieverpleegkundige als u koorts krijgt. Doe dit ook als de buikwondjes rood zijn en warm aanvoelen. De kans bestaat dat u een ontsteking heeft.
  • Vermijd na de operatie zware inspanning en zwaar tillen. Na zo’n zes weken kunt u dit geleidelijk weer opbouwen. Wandelen mag wel. Maar ook dit moet u opbouwen.
  • De slang in de plasbuis wordt na tien dagen verwijderd, doe hier voorzichtig mee en zorg dat er niet aan wordt getrokken.
  • U mag na drie maanden voorzichtig weer gaan fietsen. Autorijden mag na de operatie als u zich goed voelt (na overleg met de uroloog).
  • Ook zwaar huishoudelijk werk kunt u de eerste drie maanden het beste vermijden.

Onwillig urineverlies na de operatie (incontinentie)

De eerste weken nadat de katheter is verwijderd, is het heel normaal dat u last heeft van onvrijwillig urineverlies (incontinentie). Dit gebeurt vooral op drukverhogende momenten zoals bij hoesten, tillen of opstaan uit een stoel. In de meeste gevallen krijgt u steeds meer controle over het plassen en vermindert de incontinentie. Tot een jaar na de operatie kunt u nog verbetering verwachten. De urologieverpleegkundige kan u adviseren bij de keuze van uw incontinentiemateriaal.

Bekkenfysiotherapie na de operatie

  • Na de operatie moeten eerst de wond en de nieuwe verbinding tussen plasbuis en blaas genezen.
  • Zes weken na de operatie kunt u rustig aan starten met bekkenfysiotherapie.
  • De bekkenfysiotherapeut leert u de juiste spieren aan te spannen en te ontspannen. Vaak is het urineverlies erger in de loop van de dag als de bekkenbodemspieren "vermoeid" raken. Hoe beter de conditie van de bekkenbodemspieren is, des te beter kunt u urineverlies voorkomen.
  • Doe thuis regelmatig oefeningen om uw bekkenbodemspieren te trainen. Zo kunt u ongewild urineverlies tot een minimum beperken.

Wat kunt u nog meer doen om ongewild urineverlies te voorkomen

Plashouding:

  • Een goede plashouding is belangrijk. Het beste kunt u zittend plassen met beide voeten op de grond en een ietwat holle rug. Het bekken kantelt u iets naar voren.
  • Probeer tijdens het plassen niet te persen. Bij het persen kan de sluitspier zich onvoldoende ontspannen waardoor u onvoldoende uitplast.
  • Neem altijd voldoende tijd om te plassen. Zo voorkomt u dat u door gehaastheid gaat persen.
  • Plas in één keer uit zonder de straal te onderbreken. Door te gaan zitten op een toilet gaat het uitplassen soms eenvoudiger. De bekkenbodem kan dan goed ontspannen.
  • Wanneer er wat urine achterblijft in het gedeelte van de plasbuis dat buiten de sluitspier ligt, kunt u last krijgen van nadruppelen. Dit kunt u voorkomen door na het plassen de bekkenbodemspieren een aantal keren aan te spannen en te ontspannen. Of zittend op het toilet een aantal keer snel heen en weer te schommelen.

Eten en drinken:

  • Drink voldoende, dat wil zeggen anderhalf tot twee liter per dag, tenzij uw behandelend arts u anders heeft geadviseerd. Door alles wat u drinkt in te schenken in een maatbeker en te noteren kunt u bijhouden of u voldoende drinkt.
  • In principe mag u alles drinken. Let wel op met koffie, thee en koolzuurhoudende dranken. Deze kunnen de blaas prikkelen en het urineverlies verergeren.
  • Harde ontlasting kan pijnlijk zijn en bevordert de genezing niet. De ontlasting wordt zachter door goede, vezelrijke voeding met o.a. groente en fruit en voldoende drinken. Ook is het belangrijk voldoende te bewegen. Mocht dit niet helpen? Dan kan uw arts tijdelijk medicijnen voorschrijven die de ontlasting zachter maken.

Werk, bewegen en sporten:

  • Door regelmatig te wandelen, bouwt u weer conditie op. Begin bijvoorbeeld met vijftien minuten en breid dat langzaam uit.
  • Vermijd de eerste drie maanden na de operatie zo veel mogelijk zware belasting en zware lichamelijke inspanning.
  • De eerste drie maanden na de operatie mag u niet fietsen. Daarna kan het prettig zijn een rokzadel te gebruiken. De zitknobbels dragen dan uw lichaamsgewicht waardoor u het gebied van de operatie niet belast.
  • De eerste maanden na de operatie is het vaak niet prettig om een lange autorit of vliegreis te maken. U zit hierbij steeds in dezelfde houding. Regelmatig een "plaspauze" nemen is dan verstandig. Let op: de eerste zes weken na de operatie wordt een lange autorit/treinreis of vliegreis zelfs afgeraden.
  • Het is verstandig uw werkzaamheden niet eerder dan twee tot drie maanden na de operatie te hervatten. Dit niet alleen vanwege het lichamelijk herstel. U heeft ook tijd nodig om hetgeen u heeft doorstaan psychisch te verwerken. 

Erectieproblemen

Als de prostaat is verwijderd, is er geen zaadlozing meer mogelijk. Een erectiestoornis kan een tijdelijk of definitief gevolg zijn. De zenuwbundels die spontane erecties mogelijk maken lopen links en rechts van de prostaat naar de zwellichamen van de penis. Bij een prostaatverwijdering kunnen deze zenuwbundels beschadigd raken. Dan treden spontane erecties niet meer op.

Vaak kan/kunnen één of beide zenuwbundels toch "gespaard" worden waardoor spontane erecties toch nog mogelijk kunnen zijn.

De penis zelf wordt niet beschadigd. Het bereiken van een hoogtepunt (orgasme) bij het vrijen is nog steeds mogelijk. Dat wordt mogelijk wel anders ervaren dan voor de operatie.

Spontana herstel van de erecties kan tot lang na de operatie  nog optreden (drie jaar).

Bent u voldoende hersteld van de operatie en houdt u erectieproblemen? Om een erectie op te wekken kunt u tabletten slikken, u kunt zichzelf een injectie toedienen of een vacuümpomp gebruiken. Deze hulpmiddelen worden niet vergoed door de zorgverzekeraar. Overleg met uw arts wat voor u de beste methode is. In specifieke gevallen biedt een erectieprothese uitkomst. Uw arts kan u hierover meer vertellen.

Contact

De poliklinieken urologie zijn te bereiken tijdens kantooruren op telefoonnummer:

  • 088 – 70 68 557 Bravis ziekenhuis locatie Roosendaal
  • 088 – 70 67 336 Bravis ziekenhuis locatie Bergen op Zoom

Buiten kantooruren kunt u bij problemen contact opnemen met de Spoedeisende hulp:

  • 088 – 70 68 889 Bravis ziekenhuis locatie Roosendaal
  • 088 – 70 67 302 Bravis ziekenhuis locatie Bergen op Zoom

De urologieverpleegkundigen zijn te bereiken tijdens kantooruren op telefoonnummer:

Relevante adressen

KWF kankerbestrijding

Bezoekadres (op afspraak) Delflandlaan 17

1062 EA Amsterdam

Gratis KWF Kanker infolijn: (0800)-022 66 22

www.kwfkankerbestrijding.nl

Stichting contactgroep prostaatkanker

Gratis hulp- en informatielijn: (0800)-999 22 22

Maandag, woensdag en vrijdag van 10.00 tot 12.30 uur

Dinsdag en donderdag van 19.00 tot 21.00 uur

www.kankerpatient.nl/prostaatkanker

E-mail: lotgenoot@scp.nfkpv.nl

Nederlandse vereniging voor fysiotherapie bij bekkenbodemproblematiek

www.nvfb.nl

Incoclub

Informatie ongewild urineverlies en lotgenotencontact

www.incoclub.nl

Specialismen / Afdelingen

Contactgegevens

Bergen op Zoom
Telefoon: 088 - 70 68 000

Roosendaal
Telefoon: 088 - 70 68 000